Veelgestelde vragen

Vragen over paralleltoetsen als instrument voor interne kwaliteitszorg

Vragen over paralleltoetsen in de praktijk

Andere vragen

 

 

Vragen over paralleltoetsen als instrument voor interne kwaliteitszorg

 

Welke feedback krijg ik als ik paralleltoetsen afneem?

Per volledig afgenomen paralleltoets wordt een feedbackrapport opgemaakt.

In een feedbackrapport bij een paralleltoets wordt beschreven:

  • hoeveel procent van de deelnemende leerlingen de getoetste eindtermen of ontwikkelingsdoelen behalen, en hoe dit resultaat zich verhoudt tot de resultaten van de scholen uit de peilingssteekproef;
  • hoe de school presteert in vergelijking met het Vlaams gemiddelde;
  • hoe de school presteert in vergelijking met wat verwacht kan worden van een school met een vergelijkbare leerlingenpopulatie.

Individuele leerlingresultaten worden niet berekend, omdat paralleltoetsen hiervoor niet geschikt zijn. In een feedbackrapport worden uitspraken gedaan op schoolniveau.

  • Een basisschool krijgt daarnaast ook nog feedback op het niveau van de vestigingsplaats wanneer de toets werd afgenomen in meerdere vestigingsplaatsen.
  • Een secundaire school ontvangt geen feedback op het niveau van de vestigingsplaats maar in sommige gevallen wordt er wel feedback berekend op het niveau van de optiegroepen (eerste graad A-stroom), studierichtingen (derde graad bso) of studiegebieden (tweede en derde graad aso/tso/kso).
  • Voor elk feedbackniveau (school, en desgevallend vestigingsplaats of optiegroep/studiegebied) geldt dat er voor minstens vijf leerlingen volledige gegevens beschikbaar moeten zijn om betrouwbare resultaten te kunnen berekenen.

Enkele fictieve voorbeelden van feedbackrapporten kunt u hier raadplegen.

 

Hoe ga ik aan de slag met (feedback op) paralleltoetsen?

Paralleltoetsen doen geen uitspraken over prestaties op leerlingniveau. U kunt paralleltoetsen dus niet gebruiken om een individuele leerling te beoordelen, bijvoorbeeld ter vervanging van een examen of als basis voor het toekennen van een getuigschrift of diploma. De resultaten op paralleltoetsen geven een zicht op de mate waarin een school erin slaagt om bepaalde ontwikkelingsdoelen of eindtermen te realiseren met de leerlingen. Dit is belangrijke informatie voor de zelfevaluatie van uw school.

De paralleltoetsen zijn complementair aan de andere evaluatievormen die scholen hanteren en kunnen deze zeker niet vervangen. Informatie verzamelen over de eigen kwaliteit doet men immers het beste op diverse manieren, met diverse instrumenten en bij diverse betrokkenen. Toetsen afnemen die peilen naar het realiseren van een beperkte set van eindtermen of ontwikkelingsdoelen is belangrijk, maar het resultaat blijft steeds een beperkt stukje van de puzzel en is slechts een momentopname in een proces van kwaliteitszorg.

Uiteraard kan de feedback op paralleltoetsen een uitgangspunt zijn voor verbeteracties of nieuwe afspraken in uw school. De pedagogische begeleidingsdiensten kunnen scholen ondersteunen die hulp wensen bij het gebruiken van de feedbackrapporten en/of bij het opstarten van verbeteracties. Het onderzoeksteam zelf kan u indien gewenst wel meer toelichting geven bij de inhoud van het feedbackrapport, maar met de interpretatie ervan in de context van uw school kunnen zij u niet helpen.

 

Kan ik met paralleltoetsen ook de evolutie van mijn school in kaart brengen?

U kunt bepaalde paralleltoetsen meerdere jaren na elkaar afnemen en de feedbackrapporten met elkaar vergelijken.

Let op: in de regel houdt het onderzoeksteam de feedbackrapporten niet bij over verschillende schooljaren heen. Het is dus in de eerste plaats uw eigen verantwoordelijkheid om de informatie te bewaren. Het onderzoeksteam biedt ook geen ondersteuning bij de interpretatie van de resultaten die in het feedbackrapport gepresenteerd worden, en maakt zelf ook geen longitudinale analyses waarbij resultaten over verschillende jaren heen vergeleken worden.

In principe blijven de paralleltoetsen jaar na jaar beschikbaar. Maar let op, het is steeds mogelijk dat een bepaalde toets inhoudelijk geüpdatet wordt (bijvoorbeeld omdat er intussen een herhalingspeiling van het vak/thema heeft plaatsgevonden) of uit het aanbod gehaald wordt (bijvoorbeeld omdat de set van getoetste eindtermen intussen veranderd is). Ook worden er jaarlijks nieuwe paralleltoetsen aan het aanbod toegevoegd, afhankelijk van de peilingenkalender. 

 

Wij zijn geïnteresseerd in paralleltoetsen over een bepaald vak of thema dat momenteel niet aangeboden wordt. Ontwikkelen jullie nog nieuwe toetsen, of bieden jullie maatwerk aan?

In principe worden er jaarlijks nieuwe paralleltoetsen aan het aanbod toegevoegd. Paralleltoetsen staan echter niet op zichzelf maar zijn steeds verbonden aan een peiling. Het aanbod aan paralleltoetsen is strikt afhankelijk van de peilingenkalender (die u op de website van het onderzoeksteam en op de website van de opdrachtgever kunt raadplegen).

Een op maat gemaakte paralleltoets ontwikkelen die niet gelinkt is aan een peiling is onmogelijk. De peiling vormt de referentie op basis waarvan feedback gegeven wordt. Zonder dit referentiepunt, dat representatief moet zijn voor Vlaanderen, beschikken we immers niet over een gemiddelde waarmee het schoolgemiddelde vergeleken kan worden.

 

 

Vragen over paralleltoetsen in de praktijk

 

Voor welke leerlinggroepen zijn er paralleltoetsen beschikbaar?

Een paralleltoets kan uitsluitend afgenomen worden bij de leerlinggroep waarvoor ze ontwikkeld werd. Paralleltoetsen zijn immers steeds gekoppeld aan een peilingsonderzoek. Een correcte vergelijking van de prestatie van een school met de referentiegroep uit de peiling (de ‘peilingssteekproef’) is enkel mogelijk wanneer dezelfde set van kenmerken in rekening gebracht kan worden.

Aanbod

Momenteel zijn er paralleltoetsen beschikbaar voor het zesde leerjaar van het gewoon basisonderwijs en voor het tweede leerjaar van bepaalde graden en onderwijsvormen in het voltijds gewoon secundair onderwijs:

  • zesde leerjaar basisonderwijs;
  • tweede leerjaar van de eerste graad SO A-stroom (het tweede leerjaar A);
  • tweede leerjaar van de eerste graad SO B-stroom (het beroepsvoorbereidend leerjaar);
  • tweede leerjaar van de tweede graad SO aso (het vierde jaar aso);
  • tweede leerjaar van de derde graad SO aso, tso, kso en bso (het zesde jaar aso, tso, kso en bso).

Alleen leerlingen die in het betreffende leerjaar zitten, zullen in de invoermodule getoond worden.

Voor wie zijn deze toetsen niet geschikt?

  • Paralleltoetsen zijn niet geschikt voor afname in een ander leerjaar dan dat waarvoor ze ontwikkeld zijn. Een paralleltoets voor het zesde leerjaar basisonderwijs kan bijvoorbeeld niet gebruikt worden als een beginmeting voor de eerste graad SO.
  • Paralleltoetsen zijn niet geschikt voor afname in het volwassenenonderwijs of het deeltijds secundair onderwijs.
  • De paralleltoetsen PAV zijn niet geschikt voor afname in het modulair beroepssecundair onderwijs.
  • Paralleltoetsen zijn niet geschikt voor afname in het buitengewoon basis- of secundair onderwijs.

Uitzondering voor leerlingen in het buitengewoon onderwijs en modulair bso

Als u met deze leerlingen bepaalde eindtermen of ontwikkelingsdoelen nastreeft en toch graag paralleltoetsen bij hen zou willen afnemen, neem dan contact op met de onderzoekers om te bespreken of er feedback mogelijk is. In bepaalde gevallen kunnen wij voor deze leerlinggroepen wel een ruwe indicatie geven van het bereiken van de eindtermen of ontwikkelingsdoelen. Let wel, een volwaardige analyse waarbij de prestatie van uw school vergeleken wordt met de peilingsresultaten, blijft onmogelijk.

 

Kan ik zelf kiezen welke en hoeveel leerlingen ik laat deelnemen aan een paralleltoets?

Het is de bedoeling dat u een paralleltoets afneemt bij alle leerlingen die ervoor in aanmerking komen bij u op school. Afhankelijk van de toets zijn dat alle leerlingen in het zesde leerjaar gewoon basisonderwijs of alle leerlingen in het tweede leerjaar van een bepaalde graad en onderwijsvorm in het voltijds gewoon secundair onderwijs.

Doelgroep

  • Een paralleltoets kan uitsluitend afgenomen worden bij de leerlinggroep waarvoor ze ontwikkeld werd. Paralleltoetsen zijn immers steeds gekoppeld aan een peilingsonderzoek. Een correcte vergelijking van de prestatie van een school met de referentiegroep uit de peiling (de ‘peilingssteekproef’) is enkel mogelijk wanneer dezelfde set van kenmerken in rekening gebracht kan worden.
  • In de invoermodule zal het niet mogelijk zijn om gegevens in te voeren voor andere leerlinggroepen; deze kunnen immers niet meegenomen worden in de analyse.
  • Aandachtspunt: de paralleltoetsen wiskunde voor de specifieke eindtermen voor de derde graad aso wijken af van dit algemene principe. Deze toetsen zijn enkel bestemd voor afname bij zesdejaars aso die een studierichting volgen met een pool wiskunde.

Alle leerlingen

  • Als u enkel gegevens verzamelt bij of doorgeeft voor een selectie van leerlingen, zal dat op schoolniveau een vertekend beeld opleveren. In het feedbackrapport wordt immers getoond hoe de prestatie van de school zich verhoudt tot die van scholen uit de peilingssteekproef met een vergelijkbare leerlingpopulatie.
  • In de feedbackrapporten wordt duidelijk opgenomen met hoeveel leerlingen, lesgroepen, vestigingsplaatsen of optiegroepen/studiegebieden de school deelnam aan de toets. Bovendien wordt aangegeven hoeveel in aanmerking komende leerlingen niet hebben deelgenomen.
  • Let wel, voor elk feedbackniveau (school, en desgevallend vestigingsplaats of optiegroep/studiegebied) geldt dat er voor minstens vijf leerlingen gegevens beschikbaar moeten zijn om betrouwbare feedback te kunnen berekenen.
  • U neemt de toetsen ook af bij (bijvoorbeeld) anderstaligen en leerlingen met beperkingen, want deze achtergrondkenmerken worden in rekening gebracht bij de analyse.

 

Kan ik paralleltoets(en) afnemen op eender welk moment in het schooljaar?

Nee, paralleltoetsen leveren alleen maar betrouwbare informatie op als ze net zoals de peilingstoetsen aan het einde van het schooljaar (mei/juni) worden afgenomen. Deze toetsen meten immers eindtermen en ontwikkelingsdoelen, en die worden steeds geformuleerd voor het einde van een onderwijsniveau of graad.

Ook gegevens doorgeven van afgenomen paralleltoetsen om feedback aan te vragen, kan uitsluitend aan het einde van het schooljaar.

 

Hoe bereid ik mijn leerlingen voor op de afname van een paralleltoets?

Het is niet nodig en zelfs niet wenselijk om de leerlingen specifiek voor te bereiden op de afname van een paralleltoets.

Met paralleltoetsen wordt net als bij het peilingsonderzoek gemeten in welke mate de leerlingen de eindtermen/ontwikkelingsdoelen bereiken, in welke mate bepaalde basiscompetenties gerealiseerd zijn aan het einde van het onderwijsniveau in kwestie. Als u net voor de afname van een paralleltoets de betreffende leerstof zou herhalen, dan levert de toets geen realistisch beeld op van de mate waarin de eindtermen/ontwikkelingsdoelen werkelijk bereikt zijn, en meet u in feite niet wat een paralleltoets veronderstelt te meten.

Ook bij de afname van de peilingstoetsen werden de leerlingen uit de steekproef vooraf niet voorbereid en werden er geen leerstofonderdelen vooraf herhaald.

 

Als ik paralleltoetsen wil afnemen, moet ik dan meteen alle toetsen afnemen die beschikbaar zijn voor dat bepaalde vak of thema?

Nee, zeker niet. Op basis van uw planning en uw prioriteiten kunt u zelf beslissen welke en hoeveel toetsen u wilt afnemen. Elke toets (zie ‘Overzicht paralleltoetsen’) meet in zijn geheel een bepaalde set van eindtermen of ontwikkelingsdoelen, en voor elke afgenomen en ingevoerde toets wordt een apart feedbackrapport opgemaakt.

  • Voorbeeld 1: wanneer u paralleltoetsen wiskunde wilt afnemen in het zesde leerjaar basisonderwijs, mag u ervoor kiezen om één toets (bijvoorbeeld ‘Rekenen met geld en kloklezen’) af te nemen; u hoeft zeker niet alle toetsen of alle toetsen uit een bepaald deeldomein (bijvoorbeeld ‘Domein meten en meetkunde’) af te nemen.
  • Voorbeeld 2: voor Nederlands aan het einde van de derde graad aso kunt u ervoor kiezen om alleen de luistertoets of alleen de leestoets te gebruiken.

Let wel, een toets moet wel steeds volledig afgenomen worden: voor een leestoets betekent dat bijvoorbeeld dat alle teksten die erbij horen, afgewerkt moeten worden.

Het is af te raden om een reeks toetsen over verschillende klasgroepen of lesgroepen te verdelen. Voor elke toets geldt dat ze uitspraken op schoolniveau doet: per toets laat u dus bij voorkeur alle in aanmerking komende leerlingen deelnemen.

 

Hoe krijg ik toegang tot de afgeschermde gegevens op deze website?

Om toetsen en bijbehorende documenten te kunnen raadplegen, om school- en leerlinggegevens te kunnen bekijken en om toetsgegevens in te voeren, moet u geregistreerd zijn in naam van een Vlaamse onderwijsinstelling voor basisonderwijs of voltijds secundair onderwijs.

Op deze pagina vindt u een uitgebreide toelichting bij de registratieprocedure.

Registreren kan het hele jaar door en is vrijblijvend.

 

Moet ik mij / mijn school inschrijven voor paralleltoetsen? Hoe vraag ik feedback aan?

U hoeft niet in te schrijven. Als u op deze website geregistreerd bent en aangemeld bent in naam van uw school, kunt u leerlinggegevens invoeren via uw Portaal.

De feedbackmodule is beschikbaar in uw Portaal tijdens de laatste maanden van het schooljaar. De ingevoerde gegevens worden pas doorgestuurd naar het onderzoeksteam als de directeur of verantwoordelijke van uw school de invoer formeel bevestigt via zijn/haar Portaal. Feedbackrapporten worden aan de directie bezorgd in het najaar (dus: in de eerste helft van het schooljaar dat volgt op de afname van de paralleltoets).

 

Waar vind ik verbetersleutels voor de paralleltoetsen?

Er worden geen volledige verbetersleutels beschikbaar gemaakt voor de paralleltoetsen.

  • In de invoermodule waarmee u de gegevens bezorgt aan het onderzoeksteam kunt u de antwoorden van de leerlingen op de meeste vragen (meerkeuzevragen, juist-foutvragen) rechtstreeks invoeren op het scherm. De scoring gebeurt door het systeem zelf.
  • Alleen eventuele open vragen in de toets moeten vooraf wel door de leerkracht gescoord worden. Scoringswijzers voor de open vragen vindt u op de individuele toetspagina’s (via Overzicht paralleltoetsen).

Het is sowieso niet de bedoeling om paralleltoetsen zelf te verbeteren en er een score op te geven. Om betrouwbare en relevante informatie op te leveren, moeten paralleltoetsen statistisch verwerkt worden door het onderzoeksteam, op basis van modellen die ook in het peilingsonderzoek gebruikt worden.

 

 

Andere vragen

 

Hoe worden de resultaten op paralleltoetsen berekend?

Om betrouwbare en relevante informatie op te leveren, moeten paralleltoetsen statistisch verwerkt worden door het onderzoeksteam, op basis van modellen die ook in het peilingsonderzoek gebruikt worden.

Paralleltoetsen zijn immers geen standaardtoetsen waarbij een leerling slaagt wanneer hij of zij de helft van de punten behaalt of waarop je een percentage kunt berekenen. Een paralleltoets is net als een peilingstoets een verzameling van gemakkelijke en moeilijke opgaven voor het meten van de eindtermen. Het is niet zo dat een leerling ‘alle opgaven’ of ‘meer dan de helft van de opgaven’ van een toets correct moet oplossen om de eindtermen te bereiken. Bij het berekenen van de resultaten wordt onder meer rekening gehouden met de moeilijkheidsgraad van de individuele opgaven en het feit dat een vaardige leerling ook wel eens een makkelijke opgave foutief oplost.

Een paralleltoets verbeteren en er zelf een score aan toekennen, is dus niet informatief. Een lage score zou bijvoorbeeld ten onrechte als een ‘slecht resultaat’ geïnterpreteerd kunnen worden.

 

Waarom zijn de paralleltoetsen alleen toegankelijk na registratie?

Om de betrouwbaarheid van dit evaluatie-instrument te bewaken, worden paralleltoetsen uitsluitend beschikbaar gemaakt voor scholen die mogelijk leerlingen hebben die in aanmerking komen, en worden ze niet ter beschikking gesteld aan derden. Paralleltoetsen zijn immers geen standaard- of voorbeeldtoetsen en het is niet wenselijk dat zij die status krijgen, noch dat de opgaven uit de toetsen verspreid worden.

Methodologie

Paralleltoetsen hebben een specifiek design, en zijn gekoppeld aan statistische modellen. Er een score op tien of een percentage op berekenen door de opgaven een na een te verbeteren, is op zich niet informatief. Een paralleltoets is net als een peilingstoets namelijk een verzameling van gemakkelijke en moeilijke opgaven voor het meten van de eindtermen. Het is niet zo dat een leerling ‘alle opgaven’ of ‘meer dan de helft van de opgaven’ van een toets correct moet oplossen om de eindtermen te bereiken. Bij het berekenen van de resultaten wordt onder meer rekening gehouden met de moeilijkheidsgraad van de individuele opgaven en het feit dat een vaardige leerling ook wel eens een makkelijke opgave foutief oplost.

Dienstverlening

Paralleltoetsen worden in opdracht van de overheid beschikbaar gemaakt, met de specifieke bedoeling om scholen de kans te geven aan de slag te gaan met de bevindingen uit het peilingsonderzoek. De (opgaven uit) paralleltoetsen worden voorbehouden voor het doel waarvoor zij ontwikkeld zijn.

 

Worden onze school- en leerlinggegevens vertrouwelijk behandeld? Wie heeft inzage in de feedbackrapporten?

Zowel de opdrachtgever als het onderzoeksteam garanderen volledige vertrouwelijkheid en discretie.

  • De gegevens die u invoert worden door het onderzoeksteam op gecodeerde wijze verwerkt, in strikte overeenstemming met de regelgeving met betrekking tot de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, en uitsluitend met het oog op de productie van de feedbackrapporten.
  • Een feedbackrapport wordt uitsluitend ter beschikking gesteld van de school die het aanvroeg. Over de inhoud van feedbackrapporten wordt niet met derden gecommuniceerd door het onderzoeksteam. Ook de overheid krijgt geen inzage in de feedbackrapporten.
  • De onderwijsinspectie vraagt de feedbackrapporten niet op wanneer zij een school doorlicht. Wanneer de school er zelf voor kiest om het feedbackrapport ter beschikking te stellen van de onderwijsinspectie, dan neemt de onderwijsinspectie de informatie uit het feedbackrapport niet op in het schooldoorlichtingsverslag.

We willen u op onze beurt vragen om van uw kant dezelfde vertrouwelijkheid in acht te nemen en feedbackrapporten niet te gebruiken om publiciteit voor uw school te maken.

 

Waarom kunnen de leerlingen de paralleltoetsen niet zelf op de computer maken?

Wij onderzoeken of het mogelijk is om in de toekomst (bepaalde) paralleltoetsen aan te bieden via een elektronisch platform. Momenteel bestaat zo’n platform nog niet om praktische en methodologische redenen, waaronder de volgende.

  • Om een valide toetsafname mogelijk te maken moet een elektronisch toetsplatform aan bepaalde specifieke technische vereisten voldoen. Om het platform naar behoren te laten werken moet ook de infrastructuur in de scholen zelf aan bepaalde vereisten voldoen. Alleen als we ervan kunnen uitgaan dat beide op elkaar afgestemd zijn, kunnen we succesvol toetsen afnemen via de computer.
  • Peillings- en paralleltoetsen zijn ontwikkeld met het oog op een afname op papier. In sommige toetsen zitten open vragen waarbij de leerlingen iets moeten tekenen of aanduiden. Deze opgaven kunnen niet rechtstreeks gedigitaliseerd worden, en kunnen ook niet gewijzigd of vervangen worden, omdat dan ook de toets als geheel (en het bijbehorende analysemodel) volledig opnieuw opgebouwd zou moeten worden.
  • Paralleltoetsen zijn gemaakt om prestaties van scholen te vergelijken met peilingsresultaten (dat betekent: met gemiddelde prestaties van andere scholen). Om een betrouwbare vergelijking te kunnen maken, moeten de toetscondities zoveel mogelijk hetzelfde zijn voor alle leerlinggroepen die er deel van uitmaken. Als we paralleltoetsen online afnemen, stuiten we met andere woorden mogelijk op een probleem van vergelijkbaarheid. De peilingstoetsen zelf werden immers afgenomen op papier, en we kunnen er ook niet zomaar van uitgaan dat in alle scholen waar paralleltoetsen afgenomen worden, de technische infrastructuur precies gelijk is.

 

Tot 2014 werden de paralleltoetsen nog aangeboden via Toetsen voor Scholen. Wat is er veranderd?

Paralleltoetsen worden al sinds 2009 ontwikkeld in opdracht van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming, door het onderzoeksteam dat belast is met het peilingsonderzoek. Sinds maart 2015 staat het onderzoeksteam zelf in voor de gegevensverwerking van de paralleltoetsen. Er is bij de overgang van Toetsen voor Scholen naar ‘paralleltoetsen.be’ echter niets veranderd aan de paralleltoetsen zelf of aan het opzet van deze toetsen.